Darts in 1978

Darts is een voormalige Britse band, die in 1976 werd opgericht.

Darts maakte voornamelijk doowopmuziek in eind jaren 70 en begin jaren 80. Hun eerste grote succes was een mix van de nummers "Daddy Cool" en "The Girl Can't Help It". Al in 1978 verliet zanger Den Hegarty de band, omdat zijn vader ongeneeslijk ziek was geworden.

Bandleden

[bewerken | brontekst bewerken]

Bij oprichting

Later

  • Kenny Andrews (zang)
  • Duncan Kerr (gitaar)
  • Keith Gotheridge (drums)
  • Rob Davis (gitaar)
  • Mike Deacon (keyboards)

Carrière

[bewerken | brontekst bewerken]

De band werd opgericht door Den Hegarty, samen met Griff Fender (Ian Collier), Rita Ray (Lydia Sowa) en Horatio Hornblower (Nigel Trubridge) van de band Rocky Sharpe & the Razors en Iain "Thump" Thomson, George Currie en John Dummer van The John Dummer's Blues Band. De bezetting werd gecompleteerd met William "Hammy" Howell en zanger Bob Fish (ex-Mickey Jupp). Ze speelden in clubs en universiteiten, ofschoon hun doorbraak pas kwam na hun optreden in de show van Charlie Gillet bij de BBC-radio in Londen in oktober 1976. Dit leverde de band een contract op bij Magnet Records, waar ze samenwerkten met producent Tommy Boyce, die eerder The Monkees had geproduceerd. Met het coveren van jaren 50 rock-'n-roll-hits scoorden ze in november 1977 hun eerste VK-hit met een medley van Daddy Cool (The Rays, 1957) en The Girl Can't Help It (Little Richard, 1957). Er volgden meer cover-versies in 1978 met Come Back My Love (The Wrens, 1955) (stond 11 weken in de top 40 en haalde de 4e plek) en The Boy From New York City (The Ad Libs, 1965). Hun volgende single in 1978 was It's Raining, geschreven door Griff Fender. Alle drie bovengenoemde hits haalden de 2e plaats in de Britse charts. Er werden in totaal meer dan 1,25 miljoen exemplaren verkocht.

Na It's Raining in september 1978 verliet Hegarty de band om zijn terminaal zieke vader te verzorgen. Hij werd vervangen door de Amerikaanse zanger Kenny Andrews. Hun laatste hit in 1978 Don't Let It Fade Away, geschreven door George Currie. Get It, geschreven door Horatio Hornblower, volgde begin 1979 en ze coverden ook Duke of Earl (Gene Chandler, 1962), geproduceerd door Roy Wood, de frontman van Wizzard. Dit was hun laatste Britse top 10-hit. Hun andere aanzienlijke hit kwam in 1980 en was een cover van Let's Hang On! van The Four Seasons. Gedurende het jaar verlieten Currie, Fish en Dummer de band en voor hen in de plaats kwamen Duncan Kerr (gitaar), Keith Gotheridge (drums), beiden oprichters van Plummet Airlines en Rob Davis (gitaar, ex-Mud) die slechts kort bij de band bleven, voordat ze overgingen naar het schrijven van songs en productiewerk. Een ander later lid was Mike Deacon (keyboards, ex-Suzi Quatro). Eind 1980 waren hun hits uitgeput en in 1983 begonnen ze theaterwerk te doen en traden ze op in de theaterproductie Yakety Yak.

In 1979 werd Hegarty tv-presentator, eerst bij de muziekshow Alright Now in Newcastle upon Tyne en later als teamlid van het kinderprogramma Tiswas. In 1985 waren Fender en Ray managers en producenten van de a capella meidengroep The Mint Juleps, die twee bescheiden charthits scoorden met Only Love Can Break Your Heart (1986) van Neil Young en Every Kinda People (1987) van Robert Palmer).

De band stond in de top 500-verkooplijst van het Guinness Book of British Hit Singles.

De band kwam in 2006 samen voor nu en dan voorkomende optredens, die stelselmatig waren uitverkocht.

Discografie

[bewerken | brontekst bewerken]

Albums

[bewerken | brontekst bewerken]
Album met eventuele hitnotering(en) in de Nederlandse Album Top 100 Datum van
verschijnen
Datum van
binnenkomst
Hoogste
positie
Aantal
weken
Opmerkingen
Darts 11-1977 06-05-1978 17 9
Everyone Plays Darts 19-05-1978 01-07-1978 42 2

Overige albums

[bewerken | brontekst bewerken]

De hieronder genoemde plaatsen zijn hoogst bereikte plaatsen in de UK Albums Chart.

Singles

[bewerken | brontekst bewerken]
Single met eventuele hitnotering(en) in de Nederlandse Top 40 Datum van
verschijnen
Datum van
binnenkomst
Hoogste
positie
Aantal
weken
Opmerkingen
Daddy Cool / The Girl Can't Help It 21-10-1977 04-02-1978 7 9 No. 7 in Single Top 100
Come Back My Love 20-01-1978 08-04-1978 4 11 No. 5 in de Single Top 100
The Boy from New York City 05-05-1978 17-06-1978 11 7 No. 11 in de Single Top 100
It's Raining 28-07-1978 16-09-1978 5 12 No. 8 in de Single Top 100
Duke of Earl 07-1979 - tip16 -

Overige singles

[bewerken | brontekst bewerken]

De hieronder genoemde plaatsen zijn hoogst bereikte plaatsen in de UK Singles Chart.

NPO Radio 2 Top 2000

[bewerken | brontekst bewerken]
Nummer met noteringen
in de NPO Radio 2 Top 2000[T 1]
'99 '00 '01 '02[T 2]
Come Back My Love 1690 1368 1528 1928
  1. ↑ Een vetgedrukt getal geeft de hoogste notering aan.
  2. ↑ Deze tabel is bijgewerkt tot en met de meest recente editie (2025).

Bron: Wikipedia (NL). Tekst beschikbaar onder de toepasselijke Wikipedia-licentie; zie de bronpagina voor auteurs en licentievoorwaarden.